Life

Gezocht: mijn gevonden helden | Het ongeluk vanuit mijn perspectief

Daar lig je dan. Het is iets over drie op een regenachtige zondagmiddag. In de verte loopt een laatste stroom mensen voor de Klimaatmars voorbij. En ik? Ik lig op de straat, ik kijk naar de onderkant van mijn zool terwijl mijn beide benen voor mij uitgestrekt liggen. Ik kijk naar de zool, de zool van het laarsje dat nog steeds aan mijn voetzit. Mijn dubbelgevouwen voet. “Dit is fout… Oh, dit is zo fout!” fluister ik. Ik kijk angstig op mij heen. In mijn ooghoek zie ik een tram op mij afstormen. Ik kan niet opstaan, de tram komt dichterbij. “Dit gaat fout!” schreeuw ik paniekerig.

“Ik heb áltijd geluk,” hoor ik mijzelf veelvuldig verkondigen. Meestal rondom mijn verjaardag komt deze zin wat vaker uit mijn mond. Het is ook niet geheel gelogen; in mijn perceptie heb ik echt vrij vaak geluk. Ik heb heel vaak groenlicht, als mijn telefoon valt is dat vrijwel nooit op het scherm en in alle situaties waarbij je zou wensen dat je wat meer mazzel zou hebben, kan ik je verzekeren dat ik met die mazzel onder mijn arm de deur fluitend uitloop. Niet omdat ik dat bewust wil – het gaat vanzelf. Ik heb gewoon veel geluk!

Noem het een positieve inborst, noem het overdrijven. Ik noem het met liefde mijn stukje bijgeloof. Ik ben geboren op vrijdag de 13en deze gimmick komt (tot vervelens toe) naar voren rond mijn verjaardag: die dag in het jaar dat ik altijd íets meer geluk heb dan normaal. Tot in 2019. In dit jaar heb ik moeten inleveren voor al die jaren geluk – om toch weer een beetje geluk te hebben. Ja, een geluksvogel is nooit helemaal zonder lucky charmsnatuurlijk.

Vriendinnen en handschoenen

Op 10 maart besloot ik met een vriendin af te spreken bij Wyers, waar een andere vriendin van mij aan het werk was. Rond 15:00 uur namen we afscheid en liep ik naar buiten. Zonder handschoenen, shit! Op een drafje, liep ik terug om mijn handschoenen van de stoel te grissen waar ik daarvoor nog had gezeten. Vol plezier stapte ik op de fiets: met een nieuw boek in mijn tas wilde ik eigenlijk gewoon lekker een Soy Chai Latte halen en op de bank de zondag weg lezen. Ja, ik weet het… Ik klink als een oma. Maar wel één met geluk en totale acceptatie van mijn oma-zijn.

Dat dit anders zou aflopen, had ik nooit kunnen raden. Ik ben talloze keren de weg overgestoken voor House Bar, een van mijn favoriete barretjes. Ik haalde mijn fiets ook nu van slot, keek om mij heen en zag bij het oversteken in de verte een scooter. “Oh, genoeg afstand!” was mijn inschatting en ik stak over.

Voor ik het wist, hoorde ik veel kabaal. Ik zag de bestuurder van de scooter slingeren in mijn ooghoeken en wel erg dichtbij komen. Hoe ik gevallen ben of hoe hij mij heeft geraakt? Ik heb echt geen idee. Fragmenten van beelden komen met de weken terug, maar echt scherp heb ik het niet. Het enige wat ik echt scherp heb, is dat ik op de grond lig, mijn benen voor mij uitstrek en mijn voet tegen mijn been vastgeplakt zie liggen. Alles zit nog vast, voor zover ik kan zien. Maar… Het is niet goed.

In paniek schud ik mijn been, verdoofd van schrik. Ik schut nogmaals en mijn voet is weer zoals ik hem gewend ben te zien. Perfect onder mijn been met mijn zwarte enkellaarsjes eraan. Ik had toen al kunnen weten dat mijn enkel gebroken is. Op twee plaatsen op precies te zijn.

Levensbedreigend

Precies op dat moment komt het lawaai van de stad als een knal mijn wereld weer in. Ik hoor mensen roepen, ik voel mensen aan mij trekken, ik voel dat mensen mij optrekken en ik hoor mensen in verschillende vreemde talen tegen mij praten. Ik kan niet scherpstellen op al deze schimmen, ik kan niet goed filteren wat ze tegen mij zeggen. Ik kan alleen…

Om de hoek zie ik een blauwe tram opdoemen. Het bekende belletje klinkt in de verte. De stemmen sterven weg. “Dit gaat niet goed!” roep ik over mijn adem. “Help! Help! HELP!” schreeuw ik. “Kan iemand mij helpen! Help! Iemand bel 112. Help!” Ik begin om mij heen te grijpen en zie de tram op mij afkomen.

Het grimmige weer, de regendruppels… Ik heb een koperrode jas aan, maar door de grauwe dag voelt het niet alsof de tram mij gaat zien. Paniek grijpt om mij heen en ik kan niets uitbrengen. Ik ben zo bang. Ik ben zó bang! Ik probeer op te staan, maar mijn enkel laat direct weten dat dit niet mogelijk is. Ik grijp naar mijn tas, maar die is te ver weg. Ik schreeuw nogmaals en begin te huilen. Dit is het einde. Shit. Dit is het einde! En iedereen om mij heen blijft klanken schreeuwen waar ik de woorden niet in kan horen. Ik kan niets…

Warme, grote mannenhanden en het stopt met regenen

“Hi,” zijn stem is laag, comfortabel, “are you a tourist?” Zijn asblonde haar zit warrig, hij heeft een bruinige jas aan en zijn heldere ogen priemen in mijn blik. Hij hurkt naast me neer, houdt zijn 2 handen op 10 centimeter afstand van beide kanten van mijn enkel en stelt de vraag opnieuw. Een accent dat wat Australisch in de oren klinkt komt me tegemoet. De paniek vind focus. Ik kijk hem aan en hap naar adem. De pijn, de paniek. Allemaal binnen en tegelijk met het geluid. Het is zoveel. Hij zegt tegen een man achter zich dat er een ambulance moet komen. Ineens stopt de regen, ik kijk omhoog en zie 2 vrouwen een paraplu boven mij houden. Ik voel een been in mijn rug en een lieve, warme maar krachtige stem zegt me dat ik tegen het been moet leunen. Ik huil dat ik daar te zwaar voor ben, drie vrouwen lachen en ze zeggen mij nogmaals dat ik prima kan leunen. De man blijft in het Engels met mij praten, hij overlegd met de drie vrouwen (in het Engels) en ineens merk ik de angstaanjagende chaos niet meer op.

Deze vier mensen. Deze vier totale onbekenden hebben mijn volledige aandacht. Ze helpen mij rustig worden, ze zorgen dat ik niet te koud word en ze helpen me die steeds opkomende hyperventilatie te onderdrukken. Plots huilend kijk ik om mij heen. Waar blijft die tram? Straks gaan we allemaal dood!
Dan dringt het tot me door: deze drie vrouwen hebben hun auto op de trambaan gezet, zodat de tram nog voor die uit de bocht komt direct ziet dat hij af moet remmen. Door deze drie vrouwen, zal de tram niet meer doorrijden en mij dus ook niet rammen. Door deze drie vrouwen… Heb ik alleen flinke steken in mijn enkel.

Zoektocht is begonnen

Wie online native op Instagram volgt, heeft inmiddels iedere stap in het genezingsproces wel kunnen volgen. Een van die stappen was mijn wens om deze 4 mensen te bedanken. Ik heb via de officiële instanties hun gegevens proberen te achterhalen, maar helaas zonder succes. Hierom ben ik een zoektocht begonnen naar deze 3 vrouwen in een rode (dit weet ik niet zeker, maar deze kleur staat me bij) auto en de Engelstalige man. Dit loopt via Facebook.

Je hoort zoveel naars om je heen over mensen die elkaar zoveel naars aan doen. Het feit dat er vier wildvreemden stopten met hun dagelijkse dingen om mij te helpen, rustig te maken en te voorkomen dat ik onder een tram kwam… Is wat in mijn ogen een hedendaagse held is! Ik wil ze bedanken dat zij dit voor mij hebben gedaan. Misschien kan ik in die zoektocht, nog wel wat meer mensen laten zien dat er op zondag 10 maart gewoon 4 echte helden in mijn heerlijke Amsterdam liepen.

Heb jij dit verhaal in je omgeving gehoord of ben jij een van de vier mensen die ik zoek? Neem dan contact met mij op via Facebook, Instagram of via mail.

Change language